I Hate This Place oogt verleidelijk, maar schijn bedriegt
Peter is een fervent comicboeklezer en natuurlijk gamer, maar wat nou als die twee werelden gecombineerd worden in een survivalhorrorspel? Bepakt en bewapend gaat hij op onderzoek uit in de Lovecraftian-achtige wereld van I Hate This Place.

I Hate This Place heeft een interessante achtergrond. Het spel is geïnspireerd door een comicboekserie van schrijver en tekenaar Kyle Starks en illustrator Artyom Topilin. Dit is een serie waarin een vervloekte boerderij en diens omgeving centraal staat. Daarin tref je uiteenlopende dingen aan, zoals een sekte, demonische entiteit én heimelijke experimenten. De kans bestaat dat je daar zelfs bewijs krijgt van buitenaards leven; geen fijne plek dus.
In I Hate This Place ben jij degene die verantwoordelijk is voor een aantal gebeurtenissen die zich voordoen, dus het is aan jou alles recht te zetten. Aangezien dit spel een survival horror is, doe je dat door langs monsters te sluipen. Je kunt dan denken aan gemuteerde mensen, bezeten sekteleden, uit de kluiten gewassen spinnen en zelfs tentakels. Met (zelf te maken) wapens, munitie en stealth in je arsenaal ga je de uitdagingen te lijf.

Een scheutje Resident Evil
De opzet mag dan niet bijster origineel zijn, toch spreekt deze game, en in het bijzonder de stijl, me vanaf de aankondiging al aan. Het helpt dat die zich afspeelt in de jaren tachtig en dat het een isometrisch avontuur is. Een aantal van mijn favoriete games zijn dat, zoals Crusader: No Remorse en No Regret. Het verschil met die twee sci-fi-ervaringen is dat de besturing een stuk moderner is en dat het er een scheutje Resident Evil bij schenkt in de ambiance.
I Hate This Place is, ondanks zijn retro roots, toch een game van deze tijd dankzij die bediening. Je kunt namelijk alle kanten op bewegen en bent niet beperkt tot vier richtingen (zoals in de oude Crusader-titels). Bovendien kun je tegelijkertijd lopen en schieten en voel je je niet zo weerloos zoals in oude Resident Evil-games.

Rennen op een lege maag
Naast je levensbalk en uithoudingsvermogen moet je erop letten dat je niet met een lege maag komt te zitten. Gelukkig kun je overal voedsel vinden en later zelfs maken. De boerderij biedt plaats voor constructies die je grondstoffen opleveren, waarmee je je eigen wapens en eerstehulpskistjes kunt maken. Let wel op dat alles wat je oppakt een gewicht heeft en als je teveel bij je draagt, dan loop je veel trager. En dat wil je niet, want je wil behendig blijven om de monsters voor te blijven.
Soms moet je namelijk wegrennen van de vijanden zodra die je in de smiezen hebben. Ze zien je niet, maar horen je wel. Ze zijn daarmee een beetje gelijk aan de clickers van The Last of Us, maar dan zonder schimmels. Je wil dus, zeker in het begin, zoveel mogelijk langs de vijanden sluipen. Dit is redelijk gemakkelijk te doen zolang je alle obstakels ontwijkt. Glas ligt her en der verspreid en daar wil je niet op lopen, ook niet als je rondsluipt. Gelukkig geeft de game altijd een visuele representatie van waar je op loopt, zodat je weet waar je aan toe bent. Dat maakt het niet minder spannend of iets dergelijks, maar dit doet wel eer aan het bronmateriaal.

Later krijg je meer dodelijke wapens en kun je ze eenvoudiger uitschakelen. Soms moet je echter als een soort Pietje Precies te werk gaan. Je wil namelijk niet die ene pixel van dat glas aanraken, waardoor je op de vlucht moet slaan. Zeker niet wanneer de grotere monsters in de buurt zijn; die kunnen veel schade aanrichten. Gelukkig kun je ze afleiden met conservenblikken, rotjes en andere werpbare objecten. Door de moderne besturing is de gameplay even wennen — maar zodra die klikt, dan voelt die gelukkig onderhoudend aan.
Bovennatuurlijke bugs
Ook al zie ik dat I Hate This Place voldoende aandacht kreeg van de makers, vooral lettend op de comicvormgeving, toch heb ik niet het idee dat het spel helemaal af is. Dat komt door een aantal bugs die ik tegenkom tijdens het spelen. Zo gebeurt het een aantal keer dat er ineens nog een model van hoofdpersonage Elena in beeld staat, dat verder niet beweegt. Zelfs voor een game met horrorelementen is dat onnodig creepy.

Dat is nog een kleine softwarefout — die staat los van de gamebrekende bugs die ik elders spot. Zo komt het voor dat je niet verder kunt met een missie, omdat je een bepaalde trigger hebt gemist. Zo ontdek ik ergens een geest die bij een bepaalde missie hoort die ik nog helemaal niet zou moeten tegenkomen. Dat zorgt er later voor dat ik een queeste niet kan voltooien, omdat die geest uit de game verdwijnt zodra je hebt gedaan wat je moest doen — te vroeg, dus. Dat zorgt ervoor dat ik wederom opnieuw moet beginnen met I Hate This Place, om het verhaal tot een goed einde te brengen. Nee, lang is het spel niet, maar dit is wel frustrerend.
I Hate This Place kopen?
Vooral die fouten zorgen ervoor dat ik de game momenteel nog niet kan aanbevelen. Pas wanneer het ontwikkelteam de bugs aanpakt, durf ik dat voorzichtig te doen. Ik ben desondanks erg te spreken over de visuele comicstijl en de moderne besturing, waardoor me het gevoel bekruipt dat I Hate This Place meer verdient dan dit. Nu oogt het veelbelovend en verleidelijk, maar kan ik me niet aan de indruk onttrekken dat de schijnt bedriegt. Mocht je de game op het oog hebben, check dan vooral of de ontwikkelaar al updates uitgebracht heeft.
De uitgever van I Hate This Place heeft ons een recensiecode opgestuurd voor deze review. We hebben de game gespeeld op Steam. Voor meer gamereviews kun je terecht in ons overzicht. Je kunt je daarnaast aanmelden voor onze Discord, waar we het over dit soort spellen en meer hebben.